FC-Utrecht.org
Home » Nieuwsarchief » 2014 mei » FC Utrecht gaat vol op de aanval

 

 

 

Spektakel in de Domstad. Met Co Adriaanse als technisch adviseur en Rob Alflen als trainer moet de slapende reus komend seizoen ontwaken. FC Utrecht en mooie ambities, het is een bekende combinatie. Hoe realistisch zijn de nieuwe plannen?

Een regenachtige lentedag in Utrecht. Stadion Galgenwaard ligt er verlaten bij. Daar waar de plaatselijke FC een seizoen vol zorgen en tegenspoed afwerkte, heerst nu intense rust. De teleurstelling en het chagrijn overheersten maandenlang in de Domstad. Over de eindeloze waslijst aan blessures, over de anonieme rol in de marge, maar bovenal over het chronische gebrek aan spektakel. Co Adriaanse kijkt vanaf de vijfde etage als een veldheer over stadion en grasmat uit. Hij is zojuist gepresenteerd als de nieuwe technisch adviseur van de club. Een functie die speciaal voor hem is ontwikkeld, en volgens de directie noodzakelijk was. Algemeen directeur Wilco van Schaik kent zijn plek en beseft dat hij zelf niet te veel wijsheid moet verkondigen over techniek en tactiek. Om niet alles op het bordje van de technische staf te leggen, werd Adriaanse binnengehaald. Daarmee kwam een vurige wens van eigenaar Frans van Seumeren uit. De redder van FC Utrecht is al jarenlang een groot fan van de presentatie, kennis en kunde van Adriaanse.

 

corobbie.large.jpg



Spektakel

‘Op dezelfde dag kwamen twee mooie uitdagingen voorbij’, schetst Adriaanse de recente persoonlijke ontwikkelingen. ‘De KNVB met het verzoek of ik docent wilde worden, en FC Utrecht met deze mooie functie. Bevoorrecht voel ik me dat ik beide werkzaamheden naast elkaar mag gaan doen.’ Met die veronderstelling wakkert de ex-trainer van onder meer AZ, Ajax, FC Porto en Red Bull Salzburg de discussie aan waarom hij slechts op parttimebasis aan de slag gaat in de Domstad. ‘Ik heb voor drie jaar getekend en neem ook mijn verantwoordelijkheid, dus er is geen sprake van wat vrijblijvendheid. Dat ik even langs kom wanneer ik daar zin in heb, een kop koffie drink, wat kreten roep, en weer weg ben. Dat past niet bij mij, niet bij FC Utrecht, en niet in deze functie. Ik werd direct heel enthousiast tijdens de gesprekken en denk dat een adviseurschap steeds meer de toekomst wordt in Nederland. Kijk naar Guus Hiddink bij PSV, Willem van Hanegem bij Feyenoord... En hier geeft de club er nog duidelijk handvatten aan door het in een officiële functie te gieten.’


Adriaanse zal aan de bovenkant directe verantwoording gaan afleggen bij Van Schaik en Van Seumeren, terwijl hij met de technische staf, manager spelerszaken Edwin de Kruijff en hoofd jeugdopleiding Henny Lee met grote regelmaat in gesprek zal gaan over allerlei dagelijkse zaken rond het eerste elftal. Een functie die naar zijn eigen zeggen niet in tijd is te meten. ‘Sommige weken zal ik hier misschien dagelijks zijn, andere weken weer minder. Kijk maar naar een technisch directeur van dit moment. Die is ook niet het hele jaar, week-in-week-uit, met dezelfde intensiteit bezig.’ Door de afkeer van met name Van Seumeren van één persoon die in een technische functie alles voor het zeggen heeft, sinds de negatieve ervaringen met Foeke Booy als td, lijkt een technisch adviseurschap een logische oplossing. Bovendien trekt de club met Adriaanse iemand aan die direct met duidelijke doelstellingen de komende drie jaar zijn werk wil aanpakken. ‘FC Utrecht is een volksclub die leeft, met een enorm achterland. Kritisch publiek ook, maar daar schuilt juist de uitdaging in. Mensen vóélen iets bij de club, alleen willen ze daar wel wat voor terugkrijgen. Je kunt de kwaliteit van het voetbal op allerlei manieren meten, maar voor mij is de bezettingsgraad van het stadion vaak de beste. Het publiek wil vermaakt worden, moet worden uitgedaagd om live bij een wedstrijd aanwezig te zijn. Als ik naar het theater ga, weet ik dat ik vermaakt word. Een cabaretier kan niet buitenspel staan, heeft niet met een tegenstander te maken. Als ik dan aan het eind van de avond de zaal verlaat, heb ik een tevreden gevoel. Bij het voetbal heb je met meer factoren te maken, maar de essentie moet hetzelfde zijn. In het verleden is me dat overal gelukt. Bij Willem II, bij AZ, bij Porto en zelfs bij Red Bull Salzburg. Gezien de potentie van deze club, zie ik geen reden waarom het hier niet zou kunnen lukken. Maar daar is wel tijd voor nodig, want zoiets gaat niet van de ene op de andere dag.’



Co Adriaanse: ‘Ik ga niemand voor de voeten lopen, en zeker de hoofdtrainer niet’

De ambities zijn terug in de Domstad en worden hardop uitgesproken. Toch is de vraag aan de orde in hoeverre het mogelijk is met de huidige selectie? Die werd dit seizoen met horten en stoten tiende, werd uitgeschakeld in de Europa League door een Luxemburgse campingploeg en zorgde bovenal zelden voor amusement. Behalve Willem Janssen – de huurling is definitief overgenomen van FC Twente – en Ramon Leeuwin (SC Cambuur) zet FC Utrecht in de komende zomer nog in op een nieuwe spits, maar daar zal het wel bij blijven. En dat terwijl sterkhouders als Robbin Ruiter en Jens Toornstra bij een goed bod de club zullen verlaten. ‘Als Cambuur en Go Ahead Eagles het lukt met bescheiden middelen in hun eerste jaar Eredivisieschap voor spektakel te zorgen, dan moet dat hier ook zeker lukken. Het niveau van de Eredivisie is in de afgelopen jaren teruggelopen, juist daarin schuilt voor ons de kans snel weer aan te haken. Met een vaste speelstijl, die ook bij tegenslag de rode draad zal vormen, kun je een eigen kenmerkend karakter ontwikkelen. Dat zal aanvallend van aard zijn, want dat blijft een mooie basis. FC Utrecht zal niet kampioen worden, ook niet zomaar in de topvijf eindigen. Als je een goede plek in de subtop wil behalen, dan moet je dat doen met een eigen specifieke uitvoering. Dat willen we hier gaan neerzetten. In een adviserende rol zie ik daar een mooie taak voor mezelf weggelegd. Mijn functie zal vooral ondersteunend zijn, ik ga hier niemand voor de voeten lopen, en zeker de hoofdtrainer niet.’



Nieuwe rol

Een paar dagen later op trainingscomplex Zoudenbalch. De spelers van FC Utrecht schieten voor de laatste keer dit seizoen tegen een bal. Na de middagtraining wacht het vakantieverlof van vijf weken. De meesten waaieren uit naar warme oorden, maar voor de Australiërs Tommy Oar en Adam Sarota wacht mogelijk het WK in Brazilië. Op 26 juni zal de voorbereiding op het nieuwe seizoen van start gaan. Met Rob Alflen als nieuwe hoofdtrainer. Volgens Van Schaik was Alflen in de afgelopen weken, na het aangekondigde vertrek van Jan Wouters, de enige kandidaat. ‘Zo heb ik dat ook steeds gevoeld’, zegt Alflen. ‘Natuurlijk had ik nooit zekerheid, maar vanuit de club had ik al wel signalen ontvangen. Ik was wel teleurgesteld geweest als ik nu niet de kans had gekregen. Gelukkig is dat niet het geval en ik heb bijzonder veel zin in deze mooie uitdaging.’



Het instapmoment is niet verkeerd.

‘Uit sportief oogpunt is het instapmoment zelfs perfect. We hebben een gigantisch zwaar seizoen achter de rug. Vanaf het eerste moment, de Europese duels, stond er druk op de groep. Die is geen moment weggegaan. Elke keer moesten er weer punten worden gepakt om een noodscenario af te wenden. Vorig jaar waren we zes duels voor het eind van de competitie zeker van de play-offs om Europees voetbal, nu streden we tot twee wedstrijden voor het eind om lijfsbehoud. Met dat in het achterhoofd, valt er komend seizoen weer veel winst te boeken.’


Is dat ook de reden waarom er opeens massaal wordt ingezet op spectaculair, aanvallend voetbal?

‘Het is nooit verkeerd om bepaalde ambities kenbaar te maken, denk ik. De kans is niet groot dat FC Utrecht zomaar even bij de eerste vijf eindigt. Daarachter zit een heel grote groep clubs en als ploeg moet je jezelf willen onderscheiden. Dat willen we hier met aanvallend voetbal doen. Het 4-3-3-systeem is mijn uitgangspunt, maar daarin kunnen allerlei varianten verscholen gaan. Het ideale toekomstbeeld is dat het systeem de kapstok wordt, en dat spelers daarin makkelijk zijn in te passen. Dat als de eerste rechtsbuiten niet kan spelen, de tweede er staat, en anders de derde. Herkenbaar voetbal, en dan moeten aanval en spektakel de basis vormen.’



Als assistent-trainer onder Jan Wouters was dat lastiger te realiseren?

‘Ik weet dat ik in dit geval op mijn woorden moet letten. Niet dat ik bang ben dat ik iets verkeerd zeg, maar het kan wel verkeerd uitgelegd worden. Vijf jaar lang heb ik alles met Jan gedeeld, we hebben fantastisch samengewerkt. Soms waren we het eens, soms niet. Dat is volgens mij ook de kwaliteit van een goede samenwerking tussen trainers. Als assistent heb ik Jan in alles proberen te helpen, zonder door te slaan in mijn rol. Iedere hoofdtrainer is leidend en heeft zijn eigen werkwijze. Het is echt niet zo dat nu opeens alles anders gaat, alleen zijn Jan en ik als trainer wel verschillend. Dat is alleen maar goed, en daarom vind ik het een eer Jan op te volgen. Ik zal mijn eigen accenten op de groep leggen, zoals iedere hoofdtrainer doet. Dat betekent niet dat ik me opeens anders ga gedragen. Mijn houding als trainer van Jong FC Utrecht in het verleden en het eerste elftal in de toekomst zal hetzelfde zijn. Ik ga geen toneelstukje opvoeren van: Kijk mij eens de hoofdtrainer zijn. Spelers prikken daar ook zo doorheen, acteren werkt niet. Ik blijf dicht bij mezelf en in het geval van de wedstrijden zal ik een offensieve drang nastreven.’



Kan deze selectie wel voor spektakel zorgen?

‘Vrijwel alle spelers bij FC Utrecht presteerden dit seizoen onder hun niveau’

‘Daar twijfel ik geen seconde aan. Vrijwel alle spelers bij FC Utrecht presteerden dit seizoen onder hun niveau. Met deze selectie, en mogelijk nog een paar versterkingen, moet het vele malen beter kunnen. Op een manier die aanslaat. Er moet meer voor de doelen gebeuren, we moeten sneller drukzetten. De supporters mogen wat van ons verwachten. FC Utrecht heeft een kritisch publiek, maar in een paar tellen kun je ze ook achter je krijgen, en dan zorgen ze voor veel steun. Als er maar vol overgave wordt gespeeld. Als je een kaartje koopt, moeten spelers ook de intentie hebben iets te laten zien. Dat gevoel heb ik ook. Dit seizoen ontbrak dat nog weleens, het is moeilijk aan te geven waar dat dan aan lag. Soms voelden Jan en ik ons net de jury van The Voice of Holland. Als we de stoelen hadden kunnen omdraaien, hadden we dat gedaan. FC Utrecht hoeft echt niet elke week te winnen, maar er moet wel iets gebeuren op het veld.’



In hoeverre gaat Co Adriaanse hierin een rol spelen?

‘Intern is de rol van Co duidelijk. Hij is voor mij een ideaal klankbord. Met al zijn kennis en ervaring zal ik hem zeker vaak om advies vragen. Er gaan dingen gebeuren die voor mij nieuw zullen zijn. De media, het publiek, zaken in en rond het elftal. Misschien zal ik mezelf op bepaalde momenten afvragen wat ik ermee moet. Met Co heb ik dan een geweldige raadgever. Hij wil niet meer op het veld staan, dus de verhoudingen zijn voor iedereen duidelijk.’



Hij zal wel altijd zijn mening geven. Na drie nederlagen kan er ruis op de lijn komen.

‘Co is zelf zó lang trainer geweest, dat hij weet hoe het werkt. Ik merk het nu ook al in de uitgebreide gesprekken die we voeren. Hij geeft adviezen, maar legt de keuze bij mij neer. Mocht er zich straks een situatie voordoen dat we het niet eens zijn, dan mag dat geen probleem opleveren. Ik ben ervan overtuigd dat we dan samen eruit zullen komen.’


Als jongen van de stad begint uw carrière als hoofdtrainer bij FC Utrecht.

‘Vanaf nu zijn mijn dagen bij deze club geteld’

‘Dat zie ik als een enorme eer. Ik ben hier geboren en getogen, woon nu in de wijk Zuilen, een échte Utrechtse buurt. Dat wil niet zeggen dat ik op extra krediet reken. Vanaf nu ben ik passant, mijn dagen als trainer van FC Utrecht zijn geteld vanaf het moment dat ik hoofdtrainer ben. Zo werkt het nou eenmaal.’



U had ook voor de zekerheid van het assistent-trainerschap kunnen kiezen.

‘Het zijn de bekende wetten, maar daar laat ik me niet door leiden. Ik ben onder aan de ladder begonnen, bij FC De Bilt. De A1, en vervolgens het eerste elftal in de Tweede Klasse. Amateurvoetbal met alle kenmerkende eigenschappen, maar het was voor mij een perfect beginpunt. Vervolgens heb ik in tien jaar tijd alle stappen doorlopen, met in de laatste jaren als doel ooit hoofdtrainer te worden. Gemakkelijk was dat niet, want die cursus van de KNVB vond ik verschrikkelijk. Ik ben een praktijkjongen, moet lekker buiten op het veld tussen de spelers staan, maar tijdens de cursus moest ik soms hele opdrachten achter een computerscherm in elkaar zetten. Ik heb het vervloekt, ook als we met alle cursisten van Coach Betaald Voetbal bij elkaar waren. Ik weet nog goed dat Jan Vreman een keer zei: “Waarom zit je op de cursus?” Ik antwoordde: Om dat papiertje. Waarom jij dan? Hij zei dat hij wat wilde leren en niet de intentie had direct hoofdtrainer te worden. En zie nu... Jan is als een van de eerste cursisten aan de slag gegaan als hoofdtrainer (bij De Graafschap, red.). Je kunt dus niets plannen en daarom ben ik blij met deze kans. We willen hier de komende jaren iets moois neerzetten en als trainer mag ik dat op het veld tot uitwerking laten komen. De vakantie is begonnen, maar ik kijk nu al uit naar 26 juni. Dan begint voor mij een nieuw avontuur in een vertrouwde omgeving.’


Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Reactie plaatsen